Angelica archangelica
Engelwortel, Angelica archangelica
| Nederlandse naam | : Engelwortel |
| Latijnse naam | : Angelica archangelica |
| Familie | : Schermbloemigen (Apiaceae) |
| Soort | : overblijvend |
| Toepassing | : Keukenkruid, Sierwaarde |
| Standplaats | : Zon - Halfschaduw |
Vindplaatsen
Als heel oude en uitermate aromatische plant wordt engelwortel geprezen in de folklore van Noordeuropese landen als een middel tegen alle kwalen. De naam is waarschijnlijk ontstaan door het feit dat in de oude jaartelling de plant meestal tot bloei kwam rond de feestdag van de aartsengel Michaël. Een andere mogelijkheid is een legende over een engel die een monnik in een droom vertelde dat deze plant de pest kon genezen. Engelwortel is een plant die van oorsprong in vochtige weiden en op rivieroevers groeit en houdt dan ook van veel vochtigheid. De grote bladeren hebben iets tropisch en kunnen een tuin een weelderige sfeer geven.
Kenmerken
Engelwortel is een reusachtig familielid van de peterselie en wordt wel tot 2 m hoog. Het eerste jaar ontwikkeld engelwortel wel blad maar geen stengels en wordt hij zelden hoger als 0.5 m. Het tweede of zelfs pas het derde jaar groeit de bladstengel tot zijn volle enorme omvang. Vroeg in de zomer ontstaan er trossen groenwitte bloemen die tot 1 cm dikke, gele vruchtjes met een op stro gelijkende structuur en elk een zaadje van 0.5 cm bevatten. De bloemen geuren naar honing. De plant heeft dikke vlezige wortels en deze gaan diep de grond in. Zodra de plant zaad heeft gevormd, sterft deze af. De zaailingen nemen dan de vrijgekomen plaats in. De levensduur van de plant kan verlengd worden door bloeien en vruchtdragen te vermijden.
Plantplaats
De plant geeft een voorkeur aan een lichtbeschaduwde plaats, in luchtige, humus- en voedingsrijke grond, zodat de struik ongehinderd kan uitgroeien.
Teelt
De zaden kunnen al in de vroege herfst ter plekke worden uitgezaaid in de volle grond. In het voorjaar worden de plantjes verspeend, waarbij de ideale afstand 80 – 100 cm is. Omdat voor huishoudelijk gebruik één struik al voldoende is, kunt u zich echter de moeite van het zaaien besparen en een plantje aankopen. De grond moet luchtig en altijd vochtig zijn. De plant mag niet uitdrogen maar ook niet nat staan. De wortelstok wordt krachtiger als u het eerste jaar de bloemen eruit haalt.
Oogst
Blad en bladstengels kunnen het best voor de bloei worden geoogst. U kunt ze vers of gekookt gebruiken. Gedroogd blad bewaart het best zijn aroma. De wortels worden in de herfst of in het vroege voorjaar daarop uitgegraven en opgehangen om te drogen.
In de keuken
Het fijngesneden blad en de bladsteeltjes kruiden met hun anijsachtige, zoetig aroma salades, sausen, soepen en zoete gerechten. De jonge stengels zijn rauw zeer smakelijk. Gedroogde zaden en stukjes wortel worden dankbaar bij de likeurbereiding gebruikt.
Sierwaarde
Met een engelwortelplant in uw tuin heeft u er meteen een indrukwekkende heester bij, die ook in de schaduw zijn geuren vrijgeeft. Hij kan solitair staan of fungeren als achtergrond in een heesterborder.
U kunt veel meer informatie over planten krijgen, thuis in uw mailbox!
Lees meer hierover: GRATIS TuinInfo!
